Contracten huisartsenzorg Achmea cs. 2014 (Han Mulder)

 
Contracten huisartsenzorg Achmea cs. 2014 (Han Mulder)
Het huisartsencontract is een overeenkomst tussen u en uw zorgverzekeraar over welke prestaties u onder welke voorwaarden en tegen welke tarieven mag declareren. Indien er géén, door beide partijen getekend, huisartsencontract is, kunt u alléén de basis inschrijftarieven en consulten declareren en dus geen modules etc. Overigens dreigt deze laatste zekerheid te vervallen met de wijziging van Artikel 13 (zie voorzitterskolom: recht op vrije artsenkeuze). Geen contract zou betekenen geen vergoeding meer ontvangen van de verzekeraars: ook geen inschrijftarief en consulten.

De kernopdracht die Achmea zich stelt is: Vóór 2020 kan iedereen vertrouwen op de beste zorg. Wat betreft de inkoopstrategie stelt zij een steeds prominentere rol voor regioplannen (waarin vraag, aanbod, leemtes en overcapaciteiten voor de zorg in een regio zijn beschreven). De hieruit voortvloeiende regioanalyse zal moeten leiden tot een investeringsplan per regio. Voor substitutie met het uitgangspunt “geld volgt patiënt” heeft Achmea de volgende prioriteiten voor de komende jaren gesteld: chronisch hartfalen/hartrevalidatie, diabetes mellitus, COPD, oncologie, CVA, spoedzorg en eerstelijnsdiagnostiek. De ambitie van Achmea is de opschaling van meer huisartsenzorg naar multidisciplinaire samenwerkingsverbanden. Dit zou dan gaan vallen onder schijf 2, zoals vermeld in het convenant.

De speerpunten van inkoopbeleid voor huisartsenzorg 2014 worden als volgt geformuleerd:

  • Versterken van de gidsrol van de huisarts.
  • De toegankelijkheid van huisartsenzorg.
  • Kwaliteit van chronische zorg.
  • Zorg voor kwetsbare ouderen.
  • Substitutie van ziekenhuiszorg en diagnostiek.

Opvallend bij de vergelijking van het huisartsencontract 2014 t.o.v. 2013 is het vervallen van de module zorgdomein, terwijl eerder juist hard werd ingezet op deze module. Verder heeft een ieder gemerkt dat per 1 juli 2014 de POH-S tarieven op basis van een nieuwe systematiek plaatsvinden met als resultaat een mogelijk lagere tarief ten opzicht van 2012-2013. De basis voor de berekening wordt € 3,50 per ingeschreven patiënt per jaar met een opslag op basis van het aantal chronisch zieken en ouderen. Bij de business case berekeningen gaat Achmea er hierbij vanuit dat het uurtarief voor de POH-S ongeveer € 47,- is. Extra opslagen op het eindbedrag blijven alleen mogelijk via projectfinanciering (module kwaliteit en innovatie). Consulten rekenen voor bijvoorbeeld bloeddrukbegeleiding blijft dus niet mogelijk.

De POH GGZ financiering is via de NZa beleidsregel van 9 september jl. meer duidelijk geworden, al moet de uitwerking door de verzekeraars hier nog plaatsvinden. Er worden in ieder geval 5 wijzigingen doorgevoerd:

  1. Uitbreiding capaciteit POH-GGZ uren van 9 naar 12 uur per week per normpraktijk. Verder mag het inschrijftarief flexibeler ingezet worden: naast personeelsvergoeding ook voor E-health en consultatieve raadpleging. 
  2. E-health. Een deel van het inschrijftarief mag gebruikt worden voor E-health die de zorgactiviteit POH-GGZ ondersteunen. 
  3. Consultatieve raadpleging psycholoog/psychiater 
  4. Regeling declaratie POH-GGZ voor anderen dan de huisarts mogelijk. Echter altijd onder regie van de huisarts. Huisarts en aanbieder POH-GGZ zijn vrij om af te spreken hoe opbrengsten uit het inschrijfgeld en POH-consulten worden verevend 
  5. Groepsconsulten bij geïndiceerde preventietarief groepsconsult is het tarief POH-GGZ consult maal het aantal deelnemers. Over de uitwerking volgt, zoals gezegd, door de verzekeraar nog nadere informatie.

De nieuwe plusmodule krijgt als extra eis deelname aan de polifarmacie module waarbij overigens de tarieven zijn verlaagd naar € 3,50 per jaar zonder of € 5,00 per jaar met ochtend-, avond-, of weekendspreekuur.

Tenslotte wordt de kwetsbare ouderen module uitgebreid met meer samenwerking met SOG om meer substitutie te bewerkstelligen en de mogelijkheid tot inperking van de intensieve thuiszorgdeclaratie.