De voorzitterskolom: Kamerdebat over vrije huisartsenkeuze?

Door Han Mulder, voorzitter
 
De minister liet de afgelopen weken van zich horen. Vanuit zowel een positieve als een negatieve kant. Om met het goede nieuws te beginnen: ze wil de huisartsen betrekken in de plannen hoe bij te dragen aan het betaalbaar houden van de zorg. Ze heeft aan alle beroepsorganisaties een brief gestuurd met de vraag om mee te denken op welke punten we kunnen bezuinigen binnen de zorg. Eindelijk lijkt het inzicht te komen dat je het best van binnenuit de geldverkwisting van bepaalde onderdelen in de zorg inzichtelijk kan maken. Collega Con Geboers, uit de Noordoostpolder, had de dag na haar aankondiging al een mail gestuurd naar de kring met de vraag waar hij zijn lijst met punten kwijt kon. Als kring hebben we inmiddels een webpagina hiervoor geopend. Iedereen kan hier zijn ideeën kwijt. We zullen deze later inventariseren en aan de minister aanbieden. Overigens zien wij wel overlapping met het nieuwe convenantoverleg, maar daarover later meer in een aparte nieuwsflits van de kring.

Minder prettig, maar daarom niet minder actueel is de kwestie van de opheffing van de vrije huisartsenkeuze. Dit heeft te maken met de dreigende afschaffing van de restitutiepolis voor de basiszorg en het niet langer betalen van een redelijke vergoeding door zorgverzekeraars voor niet-gecontracteerde zorg. Deze, in artikel 13 van de Zorgverzekeringswet vastgelegde zaken, gaan op de helling als het aan de regeringspartijen ligt, in het verlengde van het regeringsakkoord “bruggen bouwen”.

Bij een naturapolis wordt de verzekerde verplicht te winkelen bij een door die verzekeraar gecontracteerde huisarts. Gaat de verzekerde naar een niet-gecontracteerde huisarts, dan krijgt hij op dit moment het grootste deel van de gemaakte kosten vergoed (basiszorg). Bij een restitutiepolis is de keuze geheel vrij en worden de kosten geheel, zij het achteraf, vergoed. Het kabinet wil dus aan de vergoeding voor niet-gecontracteerde huisartsen bij een naturapolis een einde maken. Tevens wil zij de nu nog wettelijke verplichting om een restitutiepolis voor basiszorg aan te bieden opheffen. De redenatie is dat verzekerden dan meer gebruik moeten maken van de zorg die de verzekeraar speciaal voor ze inkoopt. De kwaliteit zou hierdoor verbeteren en er zou een betere kostenbeheersing mogelijk zijn.
De vrijheid om zelf je huisarts te kiezen, in plaats van de huisarts die de verzekeraar je voorschrijft, is echter een groot goed. Vaak komen de criteria die de verzekeraar onder het mom van kwaliteit stellen, niet overeen met de criteria die de huisarts of patiënt zou nemen om wel of niet een collega huisarts te contracteren. Vrije artsenkeuze is ook een stimulans voor artsen om optimale kwaliteit te leveren die de patiënt waardeert. Immers de patiënt zal juist bij deze arts willen blijven. De maatregelen maken het voor zorgverzekeraars alleen maar makkelijker hun contracten met name op financiële gronden en minder op kwaliteitsoverwegingen af te sluiten met zorgverleners. Interessant is dat ook de zorgondernemers tegen zijn, aangezien zij zich aan de verzekeraar zullen moeten bewijzen in plaats van aan de patiënt. Het slikken of stikken beleid dat de verzekeraars na de wetswijziging kunnen opleggen kan wel eens grote gevolgen voor ons vak hebben. Lees het blog van Van Balken.

De brancheverenigingen van de zorgondernemers hebben al brandbrieven aan de minister gestuurd (Zorgondernemer tegen inperking). De LHV heeft ook met haar partners de armen ineen geslagen en is een lobby begonnen tegen deze ontwikkeling (Brief aan VKcie). Binnen enkele weken wordt duidelijk of de minister dit snode plan zal willen doorzetten en het tot een Kamerdebat gaat leiden.

Laat ook uw mening hier achter! Zou u hiervoor de barricade op willen gaan?