Meer ondersteuning voor huisartsen in de ANW

 
De afgelopen maanden is er zowel landelijk als in de kring veel gesproken over de zorg aan patiënten met een Wlz-indicatie (Wet langdurige zorg). Met Medrie is nagedacht over de zorg in de ANW voor deze groep. Daar is een project uit naar voren gekomen dat de huisarts meer ondersteuning biedt. In dit nieuwsbericht komt eerst de positie van de huisarts aan de orde als het gaat om patiënten met een Wlz-indicatie, en daarna de opzet voor betere ondersteuning.

De positie van de huisarts als het gaat om Wlz-zorg in een instelling
Zodra een patiënt in een instelling Wlz-zorg krijgt met behandeling (contracteringterm), dan is de hoofdbehandelaar de specialist ouderengeneeskunde (SO) of de arts voor verstandelijk gehandicapten (AVG). De huisarts heeft er dan in principe geen bemoeienis mee.

Ook zijn er bewoners in een instelling met Wlz-zorg zonder behandeling. Bij een lage zorgzwaarte (ZZP4) is de huisarts veelal de hoofdbehandelaar. Er zijn echter ook bewoners waarbij de zorgzwaarte toeneemt en de huisarts hoofdbehandelaar blijft. Daarnaast komen er de laatste tijd steeds meer kleinschalige Wlz-woonvormen. Huisartsen worden regelmatig gevraagd om de medische zorg te leveren. Als er sprake is van een hoge zorgzwaarte (bijvoorbeeld ZZP 5 en hoger) en u voelt zich als huisarts niet bekwaam de zorg te verlenen (deze zorg valt namelijk buiten het basistakenpakket van de huisarts), dan mag u deze zorg weigeren. Ook komt het regelmatig voor dat de zorgzwaarte te laag wordt ingeschat.

De positie van de huisarts als het gaat om Wlz-zorg thuis
Als een patiënt thuis woont, dan is de huisarts hoofdbehandelaar. Maar bij een Wlz-indicatie kan de huisarts hulp inroepen, bijvoorbeeld consultatie van een SO of AVG. Zeker nu mensen langer thuis wonen, is het belangrijk te weten waar deze hulp verkregen kan worden. De instelling die thuis Wlz-zorg levert, moet hierover helderheid kunnen geven.

De LHV benadrukt dat dit randvoorwaarden zijn die moeten voorkomen dat een huisarts meer gaat leveren dan huisartsgeneeskundige zorg en zo zwaardere zorg op zich neemt. Er zijn voorbeeldcontracten op de LHV-site beschikbaar voor huisartsen die die zorg toch willen bieden.

Het project met Medrie
De wijze waarop Wlz-zorg overdag is geregeld, heeft consequenties voor de ANW-zorg. Het wordt op de TPM geregeld dat zorg aan mensen die overdag al Wlz-zorg met behandeling (door een SO/AVG) krijgen, niet bij de huisartsenpost terecht kunnen.

Als huisartsen zorg leveren aan patiënten met een Wlz-indicatie, dan wordt in de ANW-uren de huisartsenpost gebeld, waar collega’s de zorg overnemen. Deze collega’s zijn veelal niet bekwaam om het aanvullende/bijzondere zorgaanbod voor ouderen of verstandelijk gehandicapten te leveren. Om de huisarts hier niet over zijn grenzen te laten gaan, zal op de post gezocht worden naar mogelijkheden van een SO- en AVG-voorwacht.

Het vragen van zorg in de ANW-uren kan ook worden voorkomen als instellingen in de nachtdienst kundig personeel organiseren. Hierover is met het zorgkantoor van Zilveren Kruis gesproken en ook hierin zullen stappen worden gezet. De komende periode zal dit nader worden uitgewerkt en zal een en ander aan de regioraden worden voorgelegd. In de verschillende regio’s kan dit tot verschillende afspraken leiden.

Ten slotte
Zorg in de Wlz is een moeilijk onderwerp. Huisartsen moeten zich ervan bewust zijn dat ze in de dagzorg keuzes kunnen maken en grenzen mogen stellen, en dat dit gevolgen heeft voor de ANW-zorg. 

Heeft u vragen over dit onderwerp of specifieke vragen rond afspraken die u al heeft gemaakt? Stel ze via huisartsenkringzfv@lhv.nl.

Portefeuillehouders: Jaap Ronald Blom (regio Zwolle), Astrid Jansen Holleboom (regio Vechtdal), Lenneke van Montfoort (regio Flevoland)